De oefening:
De motor verplaatsen, zowel in een rechte als in een gebogen lijn, voor- en achteruit lopend. Ook het gebruik van de standaard wordt hiermee getoetst.
De motor verplaatsen, zowel in een rechte als in een gebogen lijn, voor- en achteruit lopend. Ook het gebruik van de standaard wordt hiermee getoetst.
* 10 meter lopen naar het vak. Het vak is 2 meter breed en 3 meter diep.
* Hierna het vak uitlopen en in een rechte lijn 10 meter lopen voorbij het vak.
* De motor afzetten.
* Aan de linker zijde van de motor lopen.
* Vooruit lopen met 2 handen aan het stuur.
* Voorrem bedienbaar houden en eventueel gedoseerd bedienen.
* Achteruit lopen met tenminste een hand aan het stuur.
* Vanaf de rechterzijde van de rijbaan lopend de motor voorbij een parkeervak verplaatsen.
* daarna d.m.v. een bocht achteruit lopend de motor in het parkeervak parkeren.
* Op de standaard plaatsen.
* Van de standaard halen.
* Vooruit het parkeervak uitlopen en naar rechts afbuigen.
* Langs de rechterzijde van de rijbaan lopen.
* Bediening, balans en stabiliteit moeten continu onder controle zijn.
* De motor moet achteruit in het vak geplaatst worden.
* De motor moet op de juiste wijze op de standaard geplaatst worden.
* Bij de gekozen rijlijn rekening houden met eventueel langsrijdend verkeer.